Het zand kraakt zachtjes onder mijn schoenzolen.
Ik loop over een wandelpadje die de richting geeft naar de uitgang.
Het pad krioelt wat, maar het blijft duidelijk waar je moet lopen.
Zomaar besluit ik over het gras te lopen.
Om vervolgens midden op het voetbalveldje even stil te staan.
Het is rusig, rustig in het parkje van Liessel.
Toch heb in dit parkje genoeg meegemaakt.
Ieder bankje hier heeft zijn verhaal.
Op dat bankje daar in de hoek zaten we na een heftige houseparty.
Tien jaar geleden attendeerde een oude man op onze vroege vogel actie.
Hij was op weg naar de zondagmis.
'Wat is vroeg?' Merkte ik nog op.
We lachten om de oude man, hij moest eens weten.
Vroeg of laat, wat maakte het uit.
Tijd was voor de kerkklok, die luidde dat de zondagmis begon.
In het park was er tijd genoeg.
Op een ander bankje heb ik onafhankelijk op mijn scooter gehangen.
Samen met vrienden blikjes bier gedronken en gelachen om onnozelheid.
Ontspanning en eenvoud was de tendens.
Serieus en saai volwassen gedrag was voor je ouders.
Werd het serieus, dan startte ik mijn scooter, en was ik weer vogelvrij.
Ik reed zonder helm, ik vond het heerlijk die tranende ogen door de wind.
Tranen van geluk om het leven van dag tot dag.
Geen planning, geen verplichtingen, geen keuzes.
Op het grasveldje wakkert de wind ineens mijn carriere ambities aan.
Het kriebelt al een tijdje, vroeg of laat moet het er toch van komen.
Het wordt tijd om mijn vleugels uit te slaan.
Tijd om mijn school af te ronden en centen te verdienen.
Volgende week ga ik naar het vondelpark in Amsterdam.
Daar ga ik op een nieuw bankje zitten en start ik mijn laptop.
Zo ga ik geschiedenis schrijven.
Zonder helm, en nog steeds tranen in de ogen door de wind.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten